Folklore

De gezamenlijke uit het verleden overgeleverde zeden en gebruiken van een land, streek of plaats. Deze tradities worden bestudeerd en zo mogelijk verklaard door de wetenschap der volkskunde. Tot de folklore worden doorgaans gerekend:

  1. zeden en gebruiken onder andere bij geboorte, huwelijk en dood; bij de feesten van het jaar; bij eten en drinken; bij vermakelijkheden en spel (niet in het minst bij het kinderspel), woningbouw en klederdracht, de gewoonten bij landbouw, veeteelt en ander bedrijf;
  2. volksgeloof, waarbij ook toverij, heksen, spoken- en geestengeloof, voortekens en voorspellingen, droomuitleg en de waardering van amuletten;
  3. volksverhalen, sagen, sprookjes en legenden, dus overleveringen;
  4. volksliederen, muziek en dans;
  5. volkswetenschap (volksgeneeskunde, dier- en plantlore, weersvoorspellingen, naamsverklaringen
  6. de volkstaal, zich uitende in spreuken en spreekwoorden, baker-, kinder- en vele andere rijmen, raadsels, plaagversjes, scheldversjes, bij- en scheldnamen enz.

Folklore, zoals hierboven omschreven, is de laatste decennia in hoog tempo uit de samenleving verdwenen. Men denke hierbij bijvoorbeeld aan allerlei vroegere gebruiken, aan uit het verleden stammende kinderspelletjes, aan de klederdrachten en dialecten, aan volksgeloof en regionale sagen. Vele van zulke tradities stamden uit een zeer ver verleden; van een aantal zijn nog resten waarneembaar. Het is een merkwaardige gedachte dat deze soms nog nauwelijks herkenbare resten niet zelden berusten op tradities die al in een voorchristelijk, germaans verleden zijn gevormd. Hoewel de volksgebruiken en -gewoonten voortdurend aan slijtage, verandering en beïnvloeding bloot hebben gestaan is het niet overdreven om te stellen dat zij sinds de 19e eeuw zeer snel zijn afgekalfd, zo ze niet verdwenen zijn. Hier en daar wordt geprobeerd ze met enige krampachtigheid in stand te houden of nieuw leven in te blazen. Ze behoren echter niet meer tot de belevingswereld van de moderne mens. (Wie zal overigens zeggen of in onze tijd geen nieuwe folklore wordt gevormd?) Het is van belang dat de vroegere zeden en gebruiken zijn vastgelegd en dat men tracht de kennis ervan te verdiepen.
Het Meertens Instituut voor Volkskunde, Naamkunde en Dialectologie te Amsterdam kan worden beschouwd als een wetenschappelijk centrum waar zoveel mogelijk gegevens over alle aspecten van de Nederlandse folklore zijn bijeengebracht. Daarnaast bestaan in vele regio`s musea (oudheidkamers) en archieven waarin volkskundige gegevens zijn te vinden. Wat op folkloredagen en dergelijke wordt gevierd is doorgaans van twijfelachtig gehalte en moet in de meeste gevallen worden beschouwd als een verwaterd en niet zelden commercieel mengelmoesje met betrekking tot verdwenen of vermeende tradities.

In de Zaanstreek is er zeker sprake geweest van regionale folklore, zij het dat we direct dienen te beseffen dat de Zaans genoemde gebruiken en gewoonten vrijwel alle teruggrijpen naar een verleden waarin het huidige begrip Zaanstreek niet bestond; anders gezegd: de meeste als Zaans beschouwde tradities zijn te herleiden tot die van het veel grotere gebied dat ooit dun werd bevolkt door Friezen of `kustgermanen`, in feite dus tot geheel westelijk en noordelijk Nederland en noordwestelijk Duitsland. Onder dit voorbehoud zijn niettemin een aantal 'Zaanse' volksgebruiken en -gewoonten vermeldenswaard. Zij worden afzonderlijk in deze encyclopedie behandeld; zie het hieronder geplaatste lijstje met verwijzingen. Bedoeld worden met name de volksgebruiken bij geboorte, huwelijk en dood, verschillende volksfeesten en -vieringen, traditionele kleding, eet- en drinkgewoonten, kinderspelletjes, volksverhalen en -versjes en het taalgebruik in de streek, inclusief bijvoorbeeld bij- en scheldnamen.

Zie; Kinderspelen, Klederdracht, Luilak, Pinksterviering, Sagen en legenden, Bijnamen, Sint Maarten, Volksgeneeskunde, Volkskunst en Zaans (de volkstaal van de streek).

Zie ook: Cultuur.

Literatuur:
  • Dr. G.J. Boekenoogen: De Zaanse Volkstaal;
  • Dr. CC. . van de Graft: Nederlandse volksgebruiken bij hoogtijdagen;
  • K. ter Laan: Folkloristisch Woordenboek;
  • S. J. van der Molen en P. Vogt: Onze folklore;
  • Mr. D. Vis: De Zaanstreek.