zeeramp_van_een_speelbootje

Donderdagnacht 7 september 1899 vond een aanvaring plaats tussen twee rivierstoomboten op het Noordzeekanaal. Eén stoomboot zonk. Negen personen, waaronder twee vrouwen en vier kinderen, zijn verdronken. Het was in het holst van de nacht donderdag dat op het Y de aanvaring plaats had tussen de Ymuiderboot Mercurius en het klein stoombootje Willem. De gezonken Willem behoorde toe aan de heer De Haen, van Rotterdam. Na eerst op de Amstel ter gelegenheid van de Koninginnedag, het vuurwerk bijgewoond te hebben, wilde de heer De Haen naar Zaandam stomen, waar het kermis is, om daar passagiers voor Amsterdam op te nemen.

De Willem, op het ogenblik van aanvaring, had elf personen aan boord Monsieur en Madame De Haen, een nichtje Mej. Kruise met haar verloofde, de heer Hilma, de jonge dokter Nierum, een student, de schipper De jong, een stoker, M. Baslet en nog twee andere heren die hun kinderen te Zaandam gingen afhalen. Alleen de heer Baslet is aan de ramp ontkomen. De passagiers zaten in een kleine voorkajuit en de Mercurius is juist ter hoogte van deze kajuit over het bootje gelopen.

De toedracht van de ramp

Het bootje stoomde tegelijk het Y op met de salonboot Mercurius. De Willem, om het Zaandammergat binnen te komen, moest voor of achter de Mercurius omgaan. Schipper de Jong meende voor de Mercurius om te zwenken. Door de werking van het roer echter verminderde de vaart van het bootje zozeer dat het dwars voor de boeg der salonboot kwam liggen. Een aanvaring was onvermijdelijk. : Uit het procesverbaal van de kapitein van de Mercurius blijkt dat hij de Willem eerst bij het licht van een bliksemstraal heeft gezien, het bootje schijnt geen licht opgehad te hebben. De kapitein waarschuwde met de stoomfluit, het was toen reeds te laat.

M. Baslet stond op de voorplecht en zag het ongeluk aankomen. Hij had echter niet verwacht dat de schok zo ontzettend zou geweest zijn. De Mercurius die slechts geringe schade aan de boeg bekwam, liep over het kleine bootje dat onmiddelijk zonk. M. Baslet werd van het dek afgeslingerd, moet onder de kiel der Mercurius door naar boven zijn gekomen en heeft zich een kwartier lang zwemmend en om hulp roepend boven water gehouden, waarna hij kon gered worden. Tevergeefs heeft de bemanning van de Mercurius naar de andere gezocht om ze te redden. Het was stikdonker, één uur 's nachts.

Geruime tijd bleef de Mercurius nog op de plaats van het onheil, doch toen er niets noch van het bootje, noch van de mensen boven kwam, heeft zij haar reis vervolgd.

De lichting

Vrijdagmorgen, om 7 uur, is het werk der lichting aangevangen in tegenwoordigheid van de Zaandamse policie. Om 3 uur 's namiddags had men nog niets boven water. Het vaartuig ligt midden in het Y, ter pIaatse waar het zijkanaal naar Zaandam begint. Ook het stoombootje van Amsterdamse havenpolitie bevindt zich op de plaats des onheils om de lijken naar Amsterdam te vervoeren. M. De Haen, de eigenaar van de Willem, laat drie jonge kinderen, nu wezen achter.

Bron: 't Getrouwe Maldeghem 10 september 1899

  • zeeramp_van_een_speelbootje.txt
  • Laatst gewijzigd: 2018/04/06 10:31
  • door zaanlander