Utrecht, 25 november 1822 - Wageningen, 1 december 1893

Christiaan Eijkman, zoon van Gerrit Eijkman en Anna Maria van Benschop trad op 13 april 1849 te Nijmegen in het huwelijk met Johanna Alida Pool, dochter van Maria Magdalena Lindeman en Johan Fredric Pool. Uit het huwelijk werden negen kinderen geboren:

Drie in Nijkerk geboren zonen van de in Zaandam woonachtige onderwijzer Christiaan Eijkman, die in 1857 werd benoemd tot hoofd van de toen pas geopende Mulo aan de Gedempte Gracht te Zaandam, genoten grote bekendheid als wetenschapper.

Gerard Christiaan Eijkman

Nijkerk, 27 augustus 1853 - Amsterdam, 4 december 1907

Prof. Gerard Christiaan Eijkman, als hygiënist en bacterioloog hoogleraar te Utrecht, ontving in 1929 de Nobelprijs voor physiologie en geneeskunde; zijn onderzoekingen legden mede de grondslag voor de kennis van de vitaminen.

Johan Fredrik Eijkman

Nijkerk, 19 januari 1851 - Groningen, 1 juli 1915

Prof. Johan Frederik Eijkman was hoogleraar in de farmacie, toxicologie en organische geneeskunde te Groningen.

  • De keizer van Japan benoemde J. F. Eijkman, te Zaandam, vroeger hoogleraar aan de universiteit te Tokio, in 1886 tot Ridder 4e klasse der orde van de Rijzende Zon.
  • Hij deed in 1874 het apothekersexamen en in 1875 het toelatingsexamen voor de Leidse Universiteit.
  • Hij aanvaardde in 1876 de benoeming tot directeur van het hygiënisch-chemisch laboratorium te Nagasaki en in 1877 een zelfde betrekking te Tokio, waar hij in 1881 het hoogleraarsambt aanvaardde in chemie en pharmacologie.
  • In 1885 maakte hij een reis door Nederlands Indiê en stichtte te Buitenzorg het laboratorium voor chemisch en pharmacologisch onderzoek van Indische planten.
  • In 1886 kwam hij naar Nederland terug. In 1897 werd hij benoemd tot hoogleraar te Groningen.
  • Johan Frederik Eijkman en G. A. van de Stadt huwden op 20 oktober 1887 te Zaandam.
  • J. F. Eijkman bedankte als hoogleraar aan de rijksuniversiteit te Leiden bij de faculteit der wis- en natuurkunde op te treden. Het koninklijk besluit van zijn benoeming zal dus moeten worden ingetrokken.
  • Tegen professor J. F. Eijkman, hoogleraar in de pharmacie, is in mei 1905 door studenten bij curatoren van de Groningse universiteit een aanklacht wegens belediging ingediend volgens N.R.Ct.
  • Tot hoogleraar aan de Rijks-Universiteit te Groningen is op 12 februari 1906 benoemd dr. C. van Wisselingh om onderwijs te geven in de artsenijbereidkunde en toxicologie. Dr J. F. Eijkman is ontheven van het onderwijs in die vakken en belast met het onderwijs in de scheikunde.
  • Op 14 maart 1913 brak brand uit in het bovengedeelte van de rechtervleugel van het pharmaceutisch-chemisch laboratorium van prof. dr. Eijkman in de Rozenstraat te Groningen. Door het vlug en krachtig optreden van de brandweer was het vuur spoedig geblust. Toch is de schade niet onaanzienlijk, daar de werkkamer van de hoogleraar, waarin waardevolle instrumenten, totaal is uitgebrand en enkele instrumenten, onder anderen de refractometer, geheel vernield zijn. Bovendien is er veel waterschade. Oorzaak onbekend, maar men denkt aan kortsluiting.
  • In de ouderdom van 64 jaar overleed prof. J. F. Eijkman te Groningen op 1 juli 1915.

Leonard Pieter Hendrik Eijkman

Nijkerk, 27 november 1854 — Den Haag, 28 november 1937

Leonard Pieter Hendrik Eijkman, was een bekend anglist en foneticus. In 1934 viert L.P.H. Eijkman, oudleraar in het Engels aan de HBS met 5-jarige cursus te Amsterdam, te 's-Gravenhage zijn woonplaats, zijn tachtigste verjaardag. Eijkman werd, nadat hij zich de akten voor het Engels had verworven, leraar aan de HBS te Leiden en daarna aan die te Amsterdam tegenover de Westermarkt en aan de kweekschool voor onderwijzers.

De Eijkmans behoren tot die geslachten, waarbij in één gezin bij verschillende leden een wetenschappelijke aanleg geprononceerd tot uiting komt. Een broer van L.P.H., Prof. Joh. F. Eijkman, was hoogleraar in Japan, waar hij een Japanse pharmacopee bewerkte, en later te Groningen, waar hij eerst pharmacie, later organische chemie doceerde. Een andere broer, Gerard Christiaan (Geer) Eijkman, was de hoogleraar te Utrecht, de bekende onderzoeker van het vitamine tegen de beri-beri, wien de Nobelprijs voor geneeskunde werd toegekend.

L.P.H. Eijkman heeft zich speciaal onderscheiden op het gebied van taal en phonetiek. Reeds vijftig jaar redigeert hij de Engelse afdeling van het tijdschrift 'De drie talen'. Tot zijn publicaties behoren: Descriptions de la langue de Grouw, Phonetische beschrijving van de Hindeloopense taal en idem van de taal van Schiermonnikoog. Met Zwaardemaker gaf hij een leerboek van de phonetiek uit.

Als leraar is Eijkman veertig jaar lang bij het middelbaar onderwijs werkzaam gebleven. Het beeld, dat bij een oud-leerling thans bovenkomt, is dat van een slanke man, met wild zwart haar, die nonchalant de klas komt binnenvallen en dan de stereotype woorden uit: 'What have we to day?' Hij was tientallen jaren hoofd van de Engelse examencommissie voor het middelbaar onderwijs is geweest.

Een man die zijn leerlingen begreep en het verstond ze Engels te leren. Geen moeite was hem daarvoor te groot en de uitspraak van het Engels, het is te begrijpen bij een phoneticus, had ook speciaal zijn aandacht. Het vergde veel van zichzelf en verwachtte ook, dat zijn leerlingen tot het goede resultaat zouden bijdragen door zich in te spannen. Er werden in de klas scènes gespeeld uit toneelstukken, b.v. uit The Rivals van Sheridan: een uitstekende oefening voor het geheugen en een goede gelegenheid om beschroomdheid af te leggen en met een ongedwongen vertolking van zijn rol succes te hebben.

Eijkman liet zich niet gemakkelijk om de tuin leiden en de jongeman, die tot taak had de inhoud in 't kort te vertellen van een boek en zei, dat hij The Newcomes van Thackeray had gelezen, werd, niet zonder wantrouwen, gevraagd: „In English?“ Maar een ander die, minder gelukkig, met aplomb antwoordde: „Arthur Pendennis” was er lelijk bij, want wèl de Nederlandse vertaling, niet de originele roman heeft in zijn titel de voornaam van de hoofdpersoon er bij. En de delinquent kon zijn verhaal over Arthur Pendennis wel opbergen.

In het geheugen van vele oud-leerlingen is allicht ook bewaard gebleven dat vaste moment van elke dag na de ochtendschooltijd: de leraren, die uit de speciaal voor directeur en leraren bestemde uitgang van het oude huis aan de Keizersgracht komen. Er was altijd een grote vaste groep, die gezamenlijk op weg ging, huiswaarts. Die werd gevormd o.a. door de leraren De Sauvage Nolting een zeer gesoigneerd man, later schoolopziener en wethouder van Amsterdam; door die levendige figuur van Hagedoorn, de onverstoorbare Costerus, de krachtige Bouten en Taco de Beer, de warmbloedige. In het midden liep dr. Kollewijn en het was of zijn vaste wippende gang het tempo aangaf voor de anderen, zodat de langere benen zich matigden naar zijn stap en de korte meedribbelden om niet achter te blijven.

Ook Eijkman behoorde tot die groep. Naar hem zullen heden de gedachten gaan van vele oud-leerlingen, die weten, dat hij door zijn bijzondere wijze van lesgeven liefde voor de Engelse taal, de Engelse dramatiek en de Engelse poëzie wist te wekken, 't geen zeker op hun leven van grote invloed is gewest.

Lees de Phonetische beschrijving van de klanken der Hindeloopensche taal

Lees L.P.H. Eijkman syn ûndersyk fan it Grouster Frysk

Zie: Enkele bekende onderwijsgevenden

  • eijkman.txt
  • Laatst gewijzigd: 2019/02/14 16:51
  • door zaanlander