ambachtsschool

Aanvankelijk de naam van een instelling waarop, wat ook wel lager technisch onderwijs heet, wordt gegeven. Door organisatorische en structurele wijzigingen in het onderwijs werd de naam Ambachtsschool gewijzigd in Lagere Technische School, LTS. In het spraakgebruik wordt de eerste onderwijsinstelling van deze aard, de P.W. Jedelooschool aan de Westzijde te Zaandam, waarin ook een middelbare beroepsopleiding was gevestigd, als 'ambachtsschool' aangeduid.

Wat vooraf ging

Te Zaandam hield maandagavond 17 januari 1898 H. Flentrop Jr een lezing tijdens een vergadering van de Liberale Unie met als onderwerp: 'De oprichting van een ambachtsschool voor de Zaanstreek.' Na de oprichting van ambachtsscholen te hebben verdedigd uit een zedelijk-opvoedkundig, en uit een technisch- en een maatschappelijk oogpunt, besprak Flentrop het noodzakelijke en het mogelijke van soortgelijk onderwijs in de Zaanstreek.

Zaanse jongens bezochten reeds ambachtscholen te Amsterdam; daarbij breidt de bevolking zich uit en vestigden veel arbeidersgezinnen zich in Zaandam. Hij raadde voorstanders aan een vereniging te stichten en bij instellingen als het Rijk, de Provincie en de Gemeente, en ook bij particulieren, subsidie aan te vragen. Omdat bij de Raad een voorstel was ingediend tot reorganisatie van de Burgeravondschool, was de tijd daarvoor gunstig.

J.H. Eilmann, gemeenteraadslid te Zaandam, was tegenstander van een ambachtsschool. Liever zag hij het lagere-schoolonderwijs aansluiten bij de ambachten en pleitte er voor dat jongens tot hun 14e jaar op school bleven. De werkplaats was de beste gelegenheid voor een practische opleiding. Wat wordt er op de ambachtsscholen gevormd? Bekwame handwerkslieden? Velen krijgen een betrekking als opzichter of tekenaar. Eilmann meende dat een ambachtsschool niet nodig was, maar dat het wél nuttig zou zijn het Burgeravondschool-onderwijs uit te breiden. Ook hr Selderbeek, timmergezel, was tegen; vanwege de ervaring opgedaan bij jongens die de ambachtsschool hadden bezocht, was hij niet van het nut overtuigd.

Een warm voorstander vond Flentrop in hr De Groot, te Alkmaar, die de ambachtsschool de brug noemde tussen de school en winkel, omdat, zei hij, „wij niet meer leven in een tijd, dat de patroon zich opwerpt als leider van de leerling of daarmede een knecht belastte. Die goede band tussen patroon en gezel is verbroken; daar is de ambachtsschool voor in de plaats gekomen.“ De sprekers werden allen door de inleider beantwoord.

Oprichting Centrale Ambachtsschool voor de Zaanstreek

Nadat op een vorige bijeenkomst in 1908 van belangstellenden in beginsel was besloten tot de oprichting van een ambachtsschool voor de Zaanstreek, vond op 20 april 1909 in het paviljoen van het Volkspark te Zaandam een vergadering plaats, waarin plannen voor zo'n school werden besproken en uitgewerkt.

Na een openingsrede van voorzitter dr. Engel van de Stadt Cz, vond installatie plaats van het comité, waarin nevens de burgemeesters der Zaanse gemeenten Zaandam, Koog, Zaandijk, Wormerveer, Wormer, Jisp, Krommenie, en Oostzaan ook zitting hebben de heren Jan Adriaan Laan, lid van de Eerste Kamer, Klaas Cornelisz de Boer lid van de Tweede Kamer en mr. Hendrik Johan Christiaan van Tienen, lid van Gedeputeerde Staten.

J.H. de Groot, inspecteur bij het Middelbaar Onderwijs hield een korte uiteenzetting rond omvang en inrichting van de school, die een driejarige cursus kent en waarin het onderwijs zich sterk richt op de praktische eisen van de Zaanse industrie.

Kosten voor de stichting van de school werden geraamd op ƒ 80,000, die voor de instandhouding op ruim ƒ 20,000 per jaar. Besloten werd aan het Rijk een subsidie van ƒ 9500, aan de Provincie één van ƒ 8000 en aan de Zaanse gemeenten tezamen ƒ 6000 te vragen, terwijl het Rijk een bedrag van ƒ 2000 zal worden verzocht voor de inrichting van de school.

Een lastige kwestie werd opgeworpen door de vraag, waar de school zou worden gevestigd, waarbij de oude na-ijver tussen de gemeenten Zaandam en Wormerveer weer aan de dag kwam. Na veel beraadslagingen omtrent dit punt werd aan het bestuur opgedragen zich te wenden tot de gemeenten Zaandam, Koog, Zaandijk en Wormerveer, ten einde te onderzoeken welke gemeente de beste aanbiedingen doet, om daarvan te laten afhangen waar de school zal worden gevestigd.

Zie ook bij:

  • ambachtsschool.txt
  • Laatst gewijzigd: 2019/03/27 08:50
  • door zaanlander