duinjager

De Duinjager, verfmolen en oorspronkelijk snuifmolen te Oostzaandam. De windbrief werd gegeven in augustus 1696 aan Adam Jansz. Duijn. In juni 1781 ging hij door brand verloren waarna herbouw volgde.

De Firma Gebr. Verdonk in Zaandam, eigenares van molen de Duinjager, de enige (niet meer in bedrijf zijnde) verfmolen in Nederland, heeft Rijksmonumentenzorg in januari 1953 verzocht deze in 1781 gebouwde molen te mogen slopen. Het onderhoud was haar te duur. De scharen van de molen werden al jaren lang benut voor het malen van steenkool ten behoeve van de ijzergieterijen, doch de wieken staan al geruime tijd stil. Eigenaar Verdonk deelde mee niets te zullen doen om de Duinjager te behouden. Hoe eerder de zaak zou worden gesloopt, hoe liever het hem was.

Amerikanen azen op laatste verfmolen

In januari 1953 werd beroemde Zaandamse Duinjager bedreigd met deportatie naar Amerika. De eigenaar voerde onderhandelingen met Amerikaanse opkopers van Europees cultuurbezit. Het was niet bekend of het ministerie van OKW vergunning zou geven om de molen te slopen en de onderdelen uit te voeren. Wel stond vast dat dit op grote weerstand zou stuiten bij alle nationaal voelende Nederlanders, die de cultuurschatten van hun land lief hadden. Dit verzet zou de uitlevering van De Duinjager kunnen verhinderen, evenals dit ooit met de Hemony-klokken van Uitgeest gebeurde. Lees ook: Wordt onze laatste verfmolen aan Amerika verkocht?

In 1955 werd aan een Zaanse molenmaker opdracht gegeven tot sloop maar de opdracht werd niet aanvaard. De sloper vreest dat Monumentenzorg geen goedkeuring zal verlenen. De molen verkeerde in zeer vervallen staat. Reeds eerder heeft men gepoogd Zaanse verffabrikanten voor de molen te interesseren, maar de belangstelling bleek nihil.

De Vereniging De Zaansche Molen zag zich in 1958 voor ernstige financiële moeilijkheden geplaatst vanwege hoge onderhoudskosten, het nadelig saldo was tot ruim ƒ 12.500 was opgelopen. Het viel daarom te bezien of de Duinjager van sloop kon worden gevrijwaard.

B. en W. van Zaandam stellen in 1958 de raad voor de Duinjager aan te kopen, teneinde de molen te behouden. De enige verfmolen, die ons land in 1959 nog rijk was, zou niet in handen van de slopers vallen. De molen, die in het Wijde Oostzijderveld staat, moest plaats maken voor de uitbreiding van Zaandams stadsbebouwing. Rijk, provincie, gemeente Zaandam en particulieren brachten samen f 80.000 bijeenbrengen om de molen te verplaatsen naar de Kalverringdijk.

In 1960 was de overplaatsing naar de Zaanse Schans een feit. De Duinjager werd op de bestaande onderbouw van de in 1904 verminkte oliemolen de Kat geplaatst.

Lees ook: Twaalf molens, waar er 1100 stonden.

  • duinjager.txt
  • Laatst gewijzigd: 2019/03/17 15:32
  • door zaanlander