Rond 1870 liepen de spanningen in Europa hoog op. Pruisen was een opkomende macht op politiek, industrieel en militair gebied. Het had succesvol oorlog gevoerd tegen Denemarken en Oostenrijk en in 1870 voerde het de Duitse staten aan in de Frans-Duitse oorlog, die voor Frankrijk desastreus verliep.

Nederland had als klein land geen andere keus dan een zelfverklaarde neutraliteitspolitiek te volgen. Een Nederlands gemobiliseerd oorlogsleger was kleiner dan het Pruisische/Duitse vredesleger waarmee we bovendien een grens deelden. Half Nederland zou al onder de voet zijn gelopen voordat de mobilisatie voltooid zou zijn.

De andere grootmachten Frankrijk en Engeland waren van Nederland gescheiden door respectievelijk België en de Noordzee. Zolang de Nederlandse vlag in de hoofdstad zou wapperen, hadden eventuele bondgenoten nog een reden om te hulp te komen. In 1874 werd de Vestingwet aangenomen rond de totstandkoming van een stelling rond Amsterdam, in 1880 gevolgd door een ministerieel besluit over het tracé. Het commando werd in 1885 vastgesteld.

De 135 kilometer lange Stelling van Amsterdam was een verdedigingslinie, gelegen op 15 tot 20 kilometer rond het centrum van hoofdstad Amsterdam, bevat 45 forten en is aangelegd van 1881 tot 1914.

De Stelling van Amsterdam liep in het zuiden van Muiden, via Abcoude, Aalsmeer, dwars door de Haarlemmermeer naar Vijfhuizen, en in het noorden van de St. Aagtendijk, ten oosten van Beverwijk, via Krommeniedijk naar Edam.

Ten tijde van de uitvoering was de Stelling van Amsterdam het grootste verdedigingsproject in Europa. Doordat de uitvoering 33 jaar vergde werden de oorspronkelijke plannen tijdens de aanleg regelmatig gewijzigd; technische ontwikkelingen als het vliegtuig enerzijds en bezuinigingen anderzijds noopten daartoe. Het noordelijk deel werd vroeg aangelegd en is één der sterkste delen van de stelling.

Uitgangspunt bij de aanleg van de stelling was de bouw van forten achter stukken land die onder water gezet konden worden, inundatie. In en nabij de Zaanstreek werden eind 19e eeuw de volgende forten gebouwd:

Klik hier voor een digitale interactieve kaart van de Stelling van Amsterdam.

Het bouwen van de forten nam minimaal vijf jaar in beslag. Eerst werd een deel van de veenbodem weggegraven, daarna werd er via de Nauernasche Vaart aangevoerd zand gestort en vervolgens wachtte men enige jaren om de grond in te laten klinken. Eerst daarna werden de bolwerken gebouwd.

De Stelling van Amsterdam deed twee keer dienst. Tijdens de Eerste Wereldoorlog betrok het Nederlandse leger de stelling, tijdens de Tweede Wereldoorlog werden de forten door de Duitsers bezet en uiteindelijk werden door hen ook landerijen vóór de forten onder water gezet. Met de kanonnen in de forten zijn echter uitsluitend proefschoten afgevuurd.

In 1922 werd de Stelling van Amsterdam opgenomen in de Vesting Holland. Een groot deel ervan was toen al verouderd. De forten verheugen zich in hernieuwde grote publieke belangstelling en zijn opgenomen als monumenten op de provinciale monumentenlijst.

Op 26 september 1995 werd de Stelling van Amsterdam samen met de Nieuwe Hollandse Waterlinie bij UNESCO aangemeld voor plaatsing op de Werelderfgoedlijst waar zij in in haar geheel op werd geplaatst in 1996.

Kenmerkend voor de Stelling van Amsterdam is dat verschillende jaartallen gekoppeld worden aan diverse ontwikkelingen. Ter verduidelijking klikt u hier.

Meer informatie is te vinden op:

Zie ook: Aircraft Recovery Group 1940-1945 Recovery Group en Landschap 4.

  • forten.txt
  • Laatst gewijzigd: 2017/05/28 09:33
  • door zaanlander