noodgemaal_zaandammerpolder

Enkele dagen na de Duitse capitulatie werd op 14 mei 1945 het eerste noodgemaal in de Zaandammerpolder in werking gezet door de Technische Commissie (TC) van de Binnenlandse Strijdkrachten. De bijeenkomst tot overdracht werd geopend door de TC-voorzitter J. Bus. Al tijdens de Duitse bezetting werd dit gemaal vervaardigd op een manier die elke beschrijving van ondernemingsgeest en moed tart. Het gemaal aan de Ringweg in de zuidoosthoek van de Zaandammerpolder behoorde tot één van de vijf noodgemalen, waarvan vier op andere plaatsen in de provincie hun verlossende arbeid begonnen.

Plannen tot het construeren van noodbemalingsinstallaties ontstonden als natuurlijke reactie op de tomeloze vernielzucht van de bezetter. Deze dreigden alle centrales en bemalingsinstallaties te vernielen, terwijl van herstel hiervan in leeggesleepte fabrieken geen sprake kon zijn.

Op initiatief van Dr. G. N. Honig, lid van de Staf van het Gewest, ontwierp constructeur Roorda van de fa. Stork het noodgemaal dat met betrekkelijk eenvoudige constructiemiddelen in korte tijd geproduceerd kon worden. Gietijzeren onderdelen ontbraken, pomphuis en waaier zijn van gelaste constructie. Aandrijving verliep vanaf de achterwielen van een stationair draaiende opgestelde auto. Het gemaal kon overal op de dijken van geïnundeerd gebied worden opgesteld.

Toen begin oktober 1944 de voorbereidingen aanvingen was de fa. Klinkenberg van Wormerveer direct bereid het clandestiene werk op zich te nemen. Veel belangrijke materialen voor de uitvoering lagen bij de fa. Van Gelder. Onder leiding van Jan Kuiper en J. Bus werden de voorraden 's nachts weggesleept, soms door zestig man tegelijk.

Zo kwamen, ondanks dat op clandestien gebruik van elektrische stroom de doodstraf stond, de gemalen de één na de ander gereed. Duijvis zorgde voor het kotteren. Op 23 maart 1945 werd de laatste pomp de fabriek uitgereden om verborgen te worden. De indienststelling van de pomp in Zaandam was de kroon op het werk van het personeel van Klinkenberg. Dr. G. N. Honig sprak als Hoofd van de Gewestelijke Staf die allen die aan deze gevaarlijke arbeid hadden medegewerkt, dank uit voor dit stuk ondergrondse arbeid.

De heren Koolhaas van de PEN en Mus van het GEB, tekenden het leidingschema van de Zaanstreek, waarop alle schakelmogelijkheden van fabriekscentrales naar verbruikers stonden aangegeven.

Van alle districten spande De Zaanstreek de kroon. Het was aan het initiatief van de TC te danken geweest, dat met deze noodgemalen is begonnen. Doodstraf of geen doodstraf, Klinkenberg werkte door. Heel Wormerveer wist het, doch iedereen zweeg. Ook personeel Van Klinkenberg en Bruynzeel zwoegde tijdens de feestelijke bevrijdingsweek door. Het gemaal zal genoemd worden naar hem, die onder zo zware omstandigheden de leiding had van de BS en zal dus heten Gemaal Overste Wastenecker. De Burgemeester van Zaandam, merkte op dat de Zaanse energie door de oorlog niet heeft geleden. Het gemaal had een capaciteit van ca. 45 kubieke meter per minuut.

Op woensdagmiddag 16 mei 1945 had het noodgemaal Overste Wastenecker zijn eerste taak volbracht. Na 100 uur draaien was 200.000 m3 water weggepompt en daarmee was de geïnundeerde polder drooggelegd. Met de agrarische bewerking van de polder kon spoedig worden aangevangen.

  • noodgemaal_zaandammerpolder.txt
  • Laatst gewijzigd: 2018/05/28 01:29
  • door zaanlander