Amsterdam 19 september 1897 – 's-Gravenhage 3 september 1955

Cornelis van Ravenswaay was van 1941 tot 1945 een nationaalsocialistisch politicus. De voormalig zakenman en gepensioneerde legerkapitein had zich niet uit politieke overtuiging bij de Nationaal-Socialistische Beweging NSB aangemeld, maar uit ambitie burgemeester te worden. In april 1941 werd hij benoemd tot burgemeester van Zaandam. Hij ontpopte zich als radicaal voorvechter van de Nieuwe Orde, van plan om optimaal politiek gebruik te maken van de hem geboden mogelijkheden.

In maart 1942 volgde zijn benoeming tot burgemeester van Utrecht. Hier toonde hij zich een bewogen nationaalsocialist die alle bevoegdheden gebruikte om het nationaalsocialisme in te voeren in Zaandam. Hij kwam regelmatig in aanvaring met K.J. Frederiks, secretaris-generaal van het ministerie van Binnenlandse zaken. Van Ravenswaay bestrafte politieagenten die geen assistentie wensten te verlenen bij het ophalen van Joden. Per 1 februari 1943 werd Van Ravenswaay door Mussert benoemd tot gemachtigde voor Sociale Zaken in diens kabinet: de Secretarie van Staat.

Na de Tweede Wereldoorlog liep de voormalig burgemeester een veroordeling op tot een gevangenisstraf van elf jaar. Bij zijn veroordeling speelden zijn willekeur en ideologische hardheid een belangrijke rol. In 1952 kwam hij voorwaardelijk vrij. Volgens historicus Willem Melching waren de beschuldigingen tijdens zijn proces zwak en erkende Van Ravenswaay volkomen fout te zijn geweest. Gezien de destijds opgelegde strafmaat kon volgens hem gesproken worden van een politiek proces.

  • ravenswaay.txt
  • Laatst gewijzigd: 2018/06/15 11:01
  • door kelvin