Zaangemaal

Het Zaangemaal voorkomt de penetrante stank die de Zaan sinds de industriële revolutie teisterde.

Het Zaangemaal, geopend in 1966, markant gelegen tussen de vroegere Grote- of Hondsbossche Sluis en de Wilhelminasluis in Zaandam, in opdracht van het Hoogheemraadschap Uitwaterende Sluizen in de jaren zestig van de 20e eeuw, naar ontwerp van TAUW en architect H. Postel, gebouwd. Het waterschap heeft het gemaal met een bovenliggende kantoorverdieping uitgerust, waar de Havendienst is ondergebracht. Het kantoor boven het gemaal werd geluidsarm ingericht in verband met het lawaai van de motoren. Het voor die tijd moderne gebouw is herkenbaar als gemaal door de grote glazen puien die zicht geven op de aanwezige installaties.

Vervuiling van de Zaan moest op mechanische wijze worden voorkomen. Dit gold niet alleen voor de Zaan, ook het oppervlaktewater over de gehele Schermerboezem moest gevrijwaard worden van vaak penetrante stank, veroorzaakt door de vele fabrieken die toentertijd hun afvalstoffen zonder veel problemen op de Zaanse levensader konden lozen. Rond 1958 kwam een commissie tot de slotsom dat een gemaal pal naast de Wilhelminasluis in Zaandam moest worden gebouwd. De bouw bracht veel ups en downs met zich mee. De meest geschikte plek stond vol met oude gebouwen die tot sloop werden veroordeeld evenals het markante havenkantoor. Zo ook een ophaalbrug en de oude Wilhelminabrug die eraan moesten geloven, vanwege de uitstromingsconstructie naar de Voorzaan.

Na de sloop werden nieuwe kades aangelegd. Hier stuitte men op een onverwacht slechte bodemgesteldheid, waarbij extra betonnen palen moesten worden aangebracht. De bouw van het bemalingsgebouw werd uitgevoerd in een droogput. De aanleg van de instroomput vanaf de Beatrixbrug echter, vond voor een groot deel in het water plaats. De bouw van het Zaangemaal op een eilandje nam vier jaar in beslag.

750 m3 water per minuut

De twee pompen, die elk 750 m3 water per minuut kunnen verplaatsen, worden aangestuurd via computers. Het Zaangemaal speelt een belangrijke rol in de beheersing van de waterkwantiteit en -kwaliteit. Voor de Zaanstreek schijnt in de eerste plaats de factor kwaliteitsbeheersing van groot belang. Vóór het gemaal in werking kwam had de streek vooral 's zomers te lijden van een stinkende, zwarte en zuurstofarme Zaan waarvan de dampen, schilderwerk en koper en zilver aantastten.

De doorspoeling van de Zaan, met water afkomstig uit de Schermerboezem, gaat ook verzilting tegen. Het kwantiteitsbeheer, de uitslag van hemelwater, is echter van even grote betekenis, en dat niet alleen voor de Zaanstreek, maar voor de gehele Schermerboezem. De werking van het gemaal veroorzaakt een lichte stroming van Noord naar Zuid, die nauwelijks hinder oplevert voor de scheepvaart.

Zie ook: Waterstaat.