wilhelminasluis

Op 24 oktober 1903 geopende, belangrijkste doorsluizing van de Dam te Zaandam.

Vóór de aanleg, die in 1901 een aanvang nam, omvatte het Zaandamse sluizencomplex de Duikersluis met een breedte van 6,29 m, diepte 2,20 m onder Amsterdams Peil, de Kleine Sluis met een lengte van 18 m, breedte 3.24 m en diepte 2,01 m en de Grote Sluis met een lengte van 28 m, breedte 5,10 m en diepte 2,60 m.

De Wilhelminasluis, die op de plaats van de Duikersluis en de Kleine Sluis werd aangelegd, kreeg een schutlengte van 120 m, een wijdte van 12 m en een diepte van 3,70 m onder A.P., naar het ontwerp van ir. J.G. van Niftrik. Hierdoor was eindelijk een goede verbinding tussen Voor- en Achterzaan tot stand gekomen, waardoor veel grotere schepen dan voorheen de noordelijke Zaandorpen konden bereiken. Het gevolg was ook dat het in 1824 voltooide Noordhollands Kanaal zijn betekenis als vaarweg vanuit Amsterdam naar het noorden gaandeweg verloor. Bovendien verdween het belang van het door de Kanaal en Zaanverbinding Maatschappij in 1850 geopende Koger Polderkanaal. En tenslotte: de verbinding tussen oostelijk en westelijk Zaandam, voorheen verlopend via de Dam, werd verlegd via de Wilhelminabrug, die de Zuiddijk over het nieuw aangelegde Damplein met de Hogendijk verbond. De Wilhelminabrug kwam aan de zuidzijde van de sluis, over de noordelijke sluisdeuren werd een voetgangersbrug aangelegd.

De voorgeschiedenis begon in 1853 met een brief van de Zaanlandsche Kamer van Koophandel aan de gemeenteraad van Zaandam. Dat ambtelijke molens langzaam maalden, het duurde immers 50 jaar alvorens de plannen werden gerealiseerd, had in elk geval als pluspunt dat de door de KvK voorgestelde afmetingen meer dan verdubbeld werden. Verkeer te water was in de tussenliggende periode gebruik gaan maken van veel grotere schepen. Dat deze nu ook de Achterzaan konden bereiken, had tot gevolg dat die van een veel diepere vaargeul moest worden voorzien en dat de doorvaartwijdte van de bruggen over de Zaan moest worden aangepast.

De financiering van de Wilhelminasluis geschiedde door het rijk en de provincie Noord-Holland tot een bedrag van circa f 270.000. De Zaanse industrie droeg f 50.000 bij en het restant van ongeveer f 140.000 werd volgens een moeizaam bereikte verdeelsleutel betaald door Zaandam, Wormerveer, beide voor 3/7 deel, Koog aan de Zaan en in zeer bescheiden mate Zaandijk. De nieuwe sluis had niet alleen betekenis voor het scheepvaartverkeer, maar ook voor de afvoer van water uit de 75.000 hectare grote Schermerboezem. De architect van het Hoogheemraadschap Uitwaterende Sluizen berekende in 1903 dat één dag met regen deze boezem bezwaarde met 6 1/2 miljoen kubieke meter water. Door de bouw van het Zaangemaal bij het Zaandamse sluizencomplex is deze functie als spuisluis voor de Wilhelminasluis vervallen.

1950: Chaos bij de sluis

De alsmaar voortzettende groei van Zaandam leidde halverwege de twintigste eeuw ter hoogte van de Wilhelminasluis tot huizenhoge problemen voor zowel scheepvaart- als personenvervoer. Tijdens de algemene beschouwingen op 7 december 1950 verzetten alle fracties zich tegen het plan, de toestand bij de Wilhelminasluis pas na 1956 te verbeteren. Joh. Pieters erkende dat er heel veel werken dringend nodig zijn. Kardinale punt bleef de verbinding Oost-West, de Wilhelminasluis. „De toestand is daar in-droevig. Al jaren zoekt Zaandam naar een oplossing: een tunnel, een dubbel stel bruggen in het verlengde van de Gedempte Gracht, een luchtbrug met roltrappen. In 1946 werd dit uitgebreid besproken. Vier jaar later is nog alles hetzelfde. De chaos bij de sluis en Zaandams brug der zuchten wordt met de dag groter.“ Pieters diende de motie in, hopend dat andere fracties instemden.

  • a. met voorstellen te komen om de bestaande sluisbrug te verbreden, en/of
  • b. een onderzoek in te stellen naar de mogelijkheid tot het doen maken van een voetgangerstunnel dan wel een luchtbrug;
  • c. voort te gaan met het voorbereiden van een afdoende oplossing van dit vraagstuk;
  • d. de begrote financiële lasten, die uit een en ander voortvloeien, te doen berekenen en de Raad in te lichten of en welke consequenties hiervan voor het veel-jarenplan het gevolg zullen zijn.

G. Maas (CPN) juichte de motie van harte toe en sprak van een aftandse oeververbinding. Het is onmogelijk die toestand zeven jaar te handhaven. KVP'er S. van Houts deelde deze mening. De sluis blijft het grootste probleem. Mr. Wuijster (VVD) sympathiseerde met de motie, doch vroeg zich af of voorrang van dit object het veel-jarenplan niet al te zeer zal doorbreken. D. Metselaar (PvdA) meende dat de sluis om verbetering schreeuwt. Er zijn echter andere werken, die even dringend zijn. Toch wilde de PvdA zich niet verzetten tegen de motie en hoopt dat B. en W. snel een oplossing bereikt, al zal het werk zodanig groot zijn, dat financiële consequenties voor Zaandam amper te dragen zullen zijn.

2014: volledige vernieuwing

In 2015 werd begonnen met het volledige vernieuwing van de 111 jaar oude Wilhelminasluis. De sluis zou worden vervangen door een moderne schutsluis voor gemengd verkeer. Qua afmeting moet de sluis langer, breder en dieper 156 x 14 x 4,7 meter, worden zodat toekomstige binnenvaartschepen de sluis makkelijker kunnen passeren. Ook de naastgelegen Beatrix- en Wilhelminabrug moeten worden vernieuwd. Daarmee zou de sluis weer klaar zijn voor de toekomst en is een knelpunt voor de scheepvaart weggenomen.

Al snel na de start bleek dat het werk aan de Wilhelminasluis meer tijd in beslag nam dan gepland. De aannemer had meer tijd nodig om de noodzakelijke vergunningen te krijgen. De stremming van de sluis en bruggen die aanvankelijk in de zomer van 2014 was gepland, werd daarom een half jaar opgeschoven. Eind oktober 2014 werden de uitvoeringswerkzaamheden aan de Wilhelminasluis echter opgeschort. De constructie van de sluiskolk grenzend aan het Zaangemaal bleek complexer dan gedacht.

Het ontwerp moest terug naar de tekentafel om vertraging tijdens de uitvoering te voorkomen. In 2015 is het ontwerp van de sluis grondig onder de loep genomen. Ook is aanvullend bodemonderzoek verricht. Tijdens monitoring van de omgeving werd beweging geconstateerd bij een naastgelegen pand. Naar aanleiding daarvan is funderingsonderzoek uitgevoerd en werkt de provincie, in overleg met de eigenaar, aan een oplossing. Kortom, de werkzaamheden voor het vernieuwen van de sluis namen meer tijd in beslag.

Opheffen breedtebeperking

In 2015 is het werk aan de twee nieuwe sluishoofden hervat. Als eerste stortte de aannemer de betonnen vloeren van de sluishoofden in de Zaan. Door de sluishoofden af te bouwen kon voor de scheepvaart de huidige breedtebeperking worden opgeheven. Dit levert voordelen op voor beroeps- en riviercruisevaart. Werkzaamheden aan de sluishoofden vormden geen belemmering voor de scheepvaart, die zomer 2015 en tijdens Sail 2015 veilig gebruik kon maken van de sluis. De verbreding is van tijdelijke aard, zodra de werkzaamheden in de sluiskolk worden hervat, wordt de breedtebeperking weer van kracht.

Verbeterd ontwerp sluiskolk

Voor het ontwerp van de sluiskolk is uitzicht op een duurzame oplossing en werd het ontwerp verder uitgewerkt. De provincie verwacht dat de uitvoeringswerkzaamheden aan de sluiskolk in 2016 kunnen starten. Een integrale uitvoeringsplanning is nog niet beschikbaar, die zal worden bepaald op basis van keuzes in de uitwerking van het ontwerp.

Halverwege februari 2017 loopt de nieuwbouw van het 25 miljoen €uro kostende project andermaal vertraging op omdat de zitting bij de Raad van Arbitrage voor de Bouw is uitgesteld. Deze Raad buigt zich over het sinds 2014 spelende conflict tussen opdrachtgever Provincie Noord-Holland en aannemer Heijmans. Kosten voor een nieuw ontwerp van de sluiskolk spelen daarbij een rol. De zitting waar geschillen achter gesloten deuren worden behandeld, is uitgesteld naar maart 2017. Wanneer deze plaats vindt is onbekend en over de reden tast men in het duister. Onduidelijk is wanneer de werkzaamheden hervat worden. Het slepende conflict begon in 2014 toen de provincie het ontwerp van Heijmans naar de prullebak verwees. Het ontwerp zou niet stabiel zijn. De provincie schuift de schuld in de schoenen van Heijmans vanwege de ontwerpoplossing.

De Raad van Arbitrage maakt na de zomer van 2017 bekend hoe de sluisruzie tussen de provincie Noord-Holland en aannemer Heijmans kan worden beslecht, zo meldt Dagblad Zaanstreek op 18 juli 2017. De schade loopt sinds 2014 op tot in de miljoenen.

Bekijk ook De Wilhelminasluis als Kunstwerk (pdf).

Zie ook: Economische geschiedenis 3.9.3.

  • wilhelminasluis.txt
  • Laatst gewijzigd: 2018/05/03 11:38
  • door zaanlander