Lambert Melisz, hoofdpersoon in een naar verluidt waar gebeurd verhaal uit de Spaanse Tijd. Volgens dit verhaal was Melisz een Westzaner die, zoals het grootste deel van de bevolking op 20 februari 1574, op schaatsen op de vlucht sloeg voor de naderende Spaanse troepen.

Zijn beroemdheid kreeg hij doordat hij zijn moeder op een draagslede in veiligheid bracht. De Spanjaarden, die hem op zijn vlucht inhaalden en een grote buit verwachtten, waren zo onder de indruk van deze daad van moederliefde, dat zij hem vrijelijk lieten gaan. Melisz vluchtte naar Hoorn en vestigde zich aldaar. Hendrick Jacobsz. Soeteboom schreef over Melisz 'De Batavische Enaeas of getrouwheids voorbeeld'.

Ook later in de tijd inspireerde het verhaal van de Westzaanse jongeling die zijn moeder redde verschillende schrijvers. A.C.W. Staring (1767-1840) wijdde er een lang en gezwollen gedicht aan, terwijl A.P. Mulder-Westerman in 1834 een 'vaderlands toneelspel' het licht deed zien met als titel 'Lambert Melisz of de ouderlievende Jongeling van Westzanen'. De regionale geschiedschrijvers Jacob Jansz. Honig Jr. en zijn zoon Gerrit Jan Honig, respectievelijk in 'Geschiedenis der Zaanlanden' en 'De Zaende' (1948) zijn uitvoerig op de vlucht naar Hoorn ingegaan.

Gerrit Jan Honig deed daarbij onderzoek naar het Hoornse en Zaanse nageslacht van Lambert Melisz. Ook zijn er tenminste tien prenten bekend waarop Lamberts vlucht is afgebeeld. In Westzaan leeft de naam nog voort in die van het verzorgingstehuis Lambert Melisz, terwijl ook de plaatselijke ijsvereniging zo werd genoemd.

Op 15 oktober 1873 had de plechtige onthulling te Hoorn plaats van een gedenksteen, die de gedachtenis aan de ouder-lievende daad van Lambert Melisz van Westzaan, moest bewaren. Vroeger was die daad aan de vergetelheid ontrukt door een afbeelding en een vers op de Westerpoort; maar toen ten het jaar ervoor die poort werd gesloopt, is door de Commissie van Volksvoorlezingen, op verlangen van enigen uit het volk, aan de Stedelijke regering verzocht, de daad van de edele jongeling te vereeuwigen door het plaatsen van een gedenksteen. Deze werd geplaatst in één der woningen nabij de voormalige Westerpoort. Het hoofd van het plaatselijk bestuur heeft hem onthuld en de heer van Eek, als Voorzitter der Commissie van de Volksvoorlezingen, sprak een korte rede uit. De spreker herinnerde aan de schone daad van Lambert Melisz., die op 20 februari 1574 zijn moeder, om haar uit de handen der Spanjaarden te redden, op een berri over het ijs van Westzaan naar Hoorn heeft gesleept; hetgeen opwekte tot huiselijke aard, tot kinderdeugd en ouderliefde. BRONVERMELDING??

Het verhaal betreft zonder twijfel een ware gebeurtenis, maar of de naam Lambert Melisz er met recht aan wordt verbonden mag worden betwijfeld. Hendrick Jacobsz. Soeteboom, die de chroniqueur Velius naschreef, vermeldde als naam van de zoon Herder en noemde de moeder 'Ouwe Maria, de moeder van Herder'. Het vermoeden bestaat dat Lambert Melisz een inwoner van Hoorn is geweest die part noch deel had aan het hier vertelde verhaal, maar die het wel kende. Om zich te ontdoen van een niet brandschoon verleden zou deze Hoornse Lambert zich de eer hebben toegeëigend, die de Westzaner Herder toekwam. Met onder meer de regels 'Bevryd dees Brave Soon syn Moeder van de Doot' en 'Soo blyft een Edel kind syn Ouders trouw in Noot'.

BRON??

  • melisz.txt
  • Laatst gewijzigd: 2019/04/29 12:53
  • door jan