Ondernemersgeslacht te Wormerveer in de 19e eeuw, grondleggers van Koninklijke Fabrieken Boon bv. Jacob Willem Boon (1789-1863), gehuwd met Neeltje Emmer (1782-1859), was oorspronkelijk timmerman te Wormerveer, maar begon later als blauwselkoper. De blauwselkoperij was in de 18e en 19e eeuw geen onbelangrijke handelstak. Behalve in blauwsel handelden de blauwselkopers ook in specerijen en cacaobonen. Een drietal cacaofabrieken te Wormerveer kwam voort uit een blauwselhandel; naast Boon ook de Erve H. de Jong en J. Pette Hz.

Jacob Willem Boon werd op bescheiden schaal cacaofabrikant, eerst op eigen naam, maar later door zijn zoon Willem Jacob Boon (1811-1871) voortgezet en uitgebreid als firma W.J. Boon & Comp. Het bedrijf, begonnen in 1813 (economisch een zeer slechte tijd), groeide gestaag. Willem Jacob Boon trouwde Catherina van Gelder (1811-1865), die als dochter van Martinus van Gelder en Maatje Mats niet onbemiddeld was. Zij kregen twee dochters: Neeltje, die jong kwam te overlijden, en Maria die met de doopsgezinde dominee Jurjen Attema trouwde.

Bij gebrek aan een opvolger deed W.J. Boon de zaken over aan zijn bediende Pieter Ruyter Dz., die was gehuwd met Catherina van Dijk. De firma had een blauwselfabriek op het Warmoespad in Wormerveer. Pieter Kuyper bouwde op het erf van Zaanweg 3 het pakhuis Ruiter en stichtte later de Cacaofabriek De Ruiter. Pieter Ruyters dochter (geb. 1866) huwde Cornelis Jan Laan, zoon van Jan Jacob Laan en Aaltje Vis (zie: geslacht Laan). Hij had eerst bij Wessanen en Laan gewerkt, maar associeerde zich nu met zijn schoonvader. In 1899 trad Pieter Ruyter uit de firma en zette Cornelis Jan Laan de zaken alleen voort.

Ir. E.B. van Gelder

  • boon.txt
  • Laatst gewijzigd: 2016/04/22 17:29
  • door jan