dagboeken

Vorm van autobiografie, waarin de schrijver regelmatig (dikwijls iedere dag) chronologisch noteert wat hij/zij heeft meegemaakt, denkt, voelt of overweegt. Dagboeken kunnen zeer van elkaar afwijken: sommige zijn strikt persoonlijk, andere zijn puur economisch of politiek.

Er zijn uit het Zaanse verleden enkele tientallen dagboeken en journaals bekend. Cultuurhistorisch kunnen deze van groot belang zijn, juist ook omdat zij inzicht geven in het gewone leven van gewone mensen. Het merendeel van de bekende Zaanse dagboeken berust in het Gemeente-archief van Zaanstad. Aangenomen mag worden dat er in werkelijkheid aanzienlijk meer zijn geschreven dan de bekend geworden dagboeken. Het dikwijls persoonlijke karakter van deze geschriften maakt het logisch dat ze of in de familie werden gehouden, of bij de dood van de dagboekschrijver werden vernietigd. Opmerkelijk is dat juist in tijden van spanning of oorlog veel mensen een dagboek bijhouden. Zo is een aantal Zaanse dagboeken uit de Franse tijd en uit de Tweede Wereldoorlog bekend.

Scheepsjournaals, in zeker opzicht ook als dagboeken te beschouwen, zijn helaas niet in de Zaanse archieven beland. Vermelding verdienen ook de in het verleden bijgehouden ijskronieken. De oudste bewaard gebleven Zaanse dagboeken stammen uit de 17e eeuw. Het meest waardevol daarvan is zonder twijfel het 'Nootysye Boeck' van Claes Arisz Caescoperplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigCaescoper

Ondernemersgeslacht in 17e en 18e eeuw. Cornelis Arisz (1593-1677) te Westzaan, zoon van Arisz Dirksz en Guurtje (1554-1648), was gehuwd met Trijntje Jans (1592-1653). Hij was waarschijnlijk olieslager en bezat 3/8 part in Het Pink te Koog.

Zijn zoon Aris Cornelis Caescoper (1618-1689) woonde in Koog en was ook getrouwd met een Trijntje Jans (1620-1687). Hij was naast olieslager met een part in
(1650-1729). In het boek zijn niet alleen algemene dagelijkse gebeurtenissen vastgelegd, maar ook persoonlijke ervaringen. Daarnaast wordt het journaal als bron voor familie- en weeronderzoek gebruikt.

Twee andere 17e-eeuwse dagboeken zijn die van de Oostzaner Jan Sijmons Daalder en die van de Lutherse predikant Petriplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigPetri, ds Georgius Henricus

Giessen, Hessen 1644 - Zaandam 1703

Georgius Henricus Petri, Evangelisch-luthers predikant te Zaandam van 1673-1703. Petri, geboren te Giessen in Hessen, studeerde theologie in Straatsburg en Utrecht. In 1673 werd hij vanuit Medemblik beroepen als predikant bij de Lutherse gemeente in Zaandam.
Beide dagboeken beperken zich over het algemeen tot mededelingen over doop, huwelijk en sterven. Petri schreef zijn notities zelfs tussen de doopinschrijvingen in het doopboek. Van belang zijn vooral Petri`s aantekeningen over het bezoek van Czaar Peterplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigCzaar Peter de Grote

Czaar Peter, Peter I Aleksejevitsj de Grote (1672-1725) Czaar sedert 1682 en 'alrussisch keizer` vanaf 1721 uit het Huis Romanov, die in 1697 een week in de Zaanstreek verbleef en nadien de streek enige malen kort bezocht. Rond verblijf en bezoeken, waarvan het belang altijd zwaar is overschat, hebben zich de nodige legendes gevormd. Het
aan Zaandam (1697). Daalder (wiens dagboek berust in het Rijksarchief voor Noord-Holland te Haarlem) schreef slechts sporadisch over algemene politieke of economische gebeurtenissen.

Uit de 18e eeuw stamt het dagboek van De Westzaandamse peller P.J. Hoogeboom, het 'Journaal ofte Daghregister van de nobelste Geschiedenisse zetert het jaar 1713 tot en met hetjaar 1734'. Hij schreef vooral over sterfgevallen, branden en economische onderwerpen. In het Gemeente-archief Zaanstad bevindt zich een moderne transcriptie van dit journaal. Andere dagboeken uit de eerste helft van de 18e eeuw zijn de aantekeningen van de Westzaner Gerrit Jacobsz Nen over het jaar 1713, en de 'Kronyk` die de Oostzaandammer Cornelis Veen van 1740 tot 1749 bijhield.

Uit het laatste kwart van de 18e eeuw en het begin van de 19e eeuw is een flink aantal dagboeken bekend. Voor de Zaanse geschiedschrijving belangrijk is 'Het dagverhaal van Aafje Gijsenplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigGijsen

Zie: Ghijsen, Pieter Zie voor 'Het dagverhaal van Aafje Gijsen', een 18e-eeuwse jongedochter uit het geslacht Ghijsen, bij de naam van de bewerker. Jacob Willem van Sante en bij dr. Jo Daan
1773-1775' dat integraal in druk verscheen, toegelicht en voorzien van aantekeningen door Jacob Willem van Santeplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigSante, Jaap van

Zaandam 6 juni 1912 - Zaandam 15 maart 1980

Jacob Willem (Jaap) van Sante, auteur van “Het dagverhaal van Aafje Gijsen 1773-1775” (Wormerveer 1986) en samensteller van de registers van een tiental naoorlogse boeken over de Zaanstreek. Van Sante, leraar wiskunde aan het
. Het boek (Wormerveer 1986) is een welkome bron voor genealogisch onderzoek en beschrijft in detail de dagelijkse bezigheden van een Zaanse koopmansfamilie.

Andere dagboeken uit deze periode (waarin de Patriottentijdplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigPatriottentijd

Periode tussen 1780 en 1787 waarin de republiek der Nederlanden op de rand van een burgeroorlog stond, beëindigd door een inval van de Pruisische troepen, die het stadhouderlijk gezag herstelden. In de Patriottentijd stonden Patriotten en Orangisten tegenover elkaar. De patriotten verweten stadhouder Willem V de slechte situatie in het land. Deze was niet in de laatste plaats ontstaan door de desastreus verlopen
en de Franse tijdplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigFranse tijd

In de geschiedenis feitelijk de periode van 1806 tot en met 1813, de tijd van het Koninkrijk Holland onder koning Lodewijk Napoleon (1806-1810) en de periode dat Nederland deel uitmaakte van het Napoleontische Keizerrijk (1810-1813). In verband met de overzichtelijkheid wordt hier ook de periode van de Bataafse republiek (1795-1806) onder dit trefwoord behandeld.
vallen) zijn veel meer politiek gericht. Genoemd kunnen worden het dagboek van G. Honig over de periode 1796-1818 (berustend in het archief Honig in het Gemeente-archief Zaanstadplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigGemeentearchief Zaanstad

De term archief kan drie betekenissen hebben:

* het archiefmateriaal; * het archiefgebouw, de bewaarplaats, * de archiefdienst, de instelling.

Door de eeuwen heen zijn er wat betreft de archieven, in alle drie de betekenissen, veranderingen geweest. In dit artikel wordt, na een algemeen-historisch overzicht, het Gemeentearchief van Zaanstad behandeld. De overige voor de Zaanstreek van belang zijnde archieven zijn summier behandeld onder Archief.
), een dagboek dat wordt toegeschreven aan de Westzaandamse orgeltrapper Cornelis Cartensz Dekkerplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigDekker, Cornelis Kartenszoon (ook: Cartenszoon)

(Westzaandam 1741-Zaandam 1816)

Minvermogende te Westzaandam, aan wie een 350 pagina's dik 'journaal' wordt toegeschreven. Dekker had een geringe opleiding en werd, als onder andere orgeltrapper in de vermaning te Westzaandam, in de laagste belastingkohieren genoteerd. Gezien zijn opleiding (vermoedelijk alleen lagere school) wekt het 'journaal`, dat met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid door hem werd geschreven, verwondering en bewonde…
(1741-1816), voorzien van aantekeningen door Ger Jan Onrustplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigOnrust, drs Ger Jan

Zaandam 1962

Ger Jan Onrust, leraar geschiedenis en maatschappijleer, publicist. Ger Jan Onrust volgde de Nieuwe Leraren Opleiding geschiedenis en Engels te Amsterdam, behaalde de akte m.o. geschiedenis/maatschappijleer in 1988 en legde het doctoraal examen geschiedenis af aan de R.U. te Utrecht (1991). Volgde de Nederlandse School voor Onderwijsmanagement, Master onderwijsmanagement 1992–1994. Hij is actief als publicist over vooral de Zaanse geschiedenis.
, gedeeltelijk -periode 1787-181 - gepubliceerd in 'Zuiderzeesteden' (Amsterdam 1985), het 'Journaal gehouden van 1795-1813' van Helena Jacobs Pergu, de aantekeningen van de Westzaandamse koopman Jan J. Musk over de periode 1773-1782, de aantekeningen van Cornelis Verheul over 1777-1780, de 'Kronyk' van de Krommenieër papierfabrikant Simon Bakker, waarin 'Aantekeninge van geboorte Trou en Stervgevallen in mijn Familie en van Eenige Goede Vriende. Benevens Merkwaardige Gebeurtenisse zoo van Vroegeren als Sedert mijn Leeftijd voorgevalle', het 'Journaal eener reis naar Alkmaar en verder in Noord-Holland, ter bezichtiging van de plaatsen alwaar het toneel des oorlogs was geweest' van Klaas Adriaansz Honig, en de 'Annotatiën 1779-1844' van Jan van Vleuten.

Deze dagboeken bevinden zich alle in het Gemeente-archief van Zaanstad. Een flink aantal dagboeken, vooral over familie en familie-ondernemingen, bevindt zich in het archief Honig, dat in het Gemeente-archief Zaanstad berust. In totaal staan veertien dagboekdelen in dit archief, geschreven door verschillende mannelijke familieleden. De dagboeken beslaan de periode 1837-1925.

Een curieus en persoonlijk dagboek is het 620 pagina's dikke geschrift van Lambertus Pieterszoon van Calcar (Koog), dat loopt van 1869 tot en met 1902. Van Calcar schreef zijn eigen levensverhaal en noteerde wereldgebeurtenissen (soms met krantenknipsels). Ook dit dagboek bevindt zich in het Gemeente-archief.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog hield een groot aantal personen dagboekaantekeningen bij. Het oorlogsdagboek van de Oostzaanse mej. K. J. Kuiper bevindt zich in het Gemeente Archief Amsterdam. Andere dagboekenschrijvers waren A van Braamplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigBraam, Prof. dr. Aris van

Zaandam, 1 juni 1923 - Wormerveer, 8 mei 2002

Wetenschapper, en één der belangrijkste naoorlogse publicisten over de Zaanstreek. Van Braam haalde in 1946 zijn doctoraal Sociografie, daarna volgde zijn benoeming tot eerste hoofd van het Sociografisch Bureau van Zaandam. Van 1949-1965 vervulde hij vervolgens verscheidene functies bij het Centraal Bureau voor de Statistiek te 's Gravenhage. In 1957 promoveerde hij cum laude op het proefschrift
en C. Molplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigMol, Kees

Wijdenes, 10 november 1894 - Purmerend, 1971

Cornelis (Kees) Mol, bijna 30 jaar gemeente-secretaris van Wormer, auteur van 'Uit de geschiedenis van Wormer' (Amsterdam 1966 en 1980), kwam in de zomer van 1911 als volontair uit Amsterdam naar Wormer. Per 1 oktober 1913 kreeg hij een vaste aanstelling, per 1 mei 1930 werd hij benoemd tot gemeente-secretaris. Dat bleef hij tot zijn pensionering per 1 december 1959. Tijdens zijn werk in Wormer gaf Mol blijk van grote interesse in de plaat…
. Hun dagboeken zijn in familiebezit .

  • /home/zaanwiki/domains/zaanwiki.nl/private_html/encyclopedie/data/pages/dagboeken.txt
  • Laatst gewijzigd: 2020/09/07 12:07
  • (Externe bewerking)