haringvisserij

Tak van visserij, in de 15e en 16e eeuw van groot belang voor de Zaanstreek. Het centrum van de omvangrijke Noordhollandse haringvisserij was De Rijp. Als vanzelfsprekend profiteerden daardoor vooral Wormer en Jisp van deze vorm van zeevisserij. De bloeiperiode duurde voort tot in de Spaanse tijdplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigSpaanse tijd

Lokale aanduiding voor de jaren 1572 tot en met 1576, de tijd waarin de Zaanstreek gedeeltelijk door troepen in Spaanse dienst bezet was. Feitelijk is het een foutieve naamgeving van de eerste jaren van de opstand in de Nederlanden tegen de toenmalige vorst, Filips II
. In 1586 werden nog door Wormer 36 en door Jisp 31 haringbuizen uitgerust. Na de Spaanse tijd komen nauwelijks meer vermeldingen voor van Zaanse haringbuizen. Toen de haringvisserij landelijk haar grootste bloei bereikte rond 1630 was deze vrijwel geheel uit de Zaanstreek verdwenen.

Haringbuizen waren schepen van tussen de 30 en de 100 last, een last = 2 ton, met een bemanning van tussen de 18 en de 36 koppen. De vangst van een buis kon in een jaar gelijk zijn aan het gewicht van het schip. De haringvisserij verschafte niet alleen werk aan de vissers, maar ook aan toeleveringsbedrijven: zowel grofsmederijenplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigGrof- en ankersmederij

Vroeger toeleveringsbedrijf voor de scheepsbouw en hierdoor in de 17e en 18e eeuw vooral in Zaandam van belang. Er werden niet alleen de (zeer zware en vaak enkele meters hoge) ankers gesmeed, maar ook allerlei scheepsbeslag, kaapstanders enzovoort. Door de teloorgang van de Zaanse scheepsbouw zijn ook de gespecialiseerde toeleveringsbedrijven verdwenen.
, zeildoekweverijenplugin-autotooltip__default, nettenbreierijen, touwslagerijenplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigTouwslagerij

Zie: Lijnbanen, Economische geschiedenis geschiedenis 2.5.6. en 3.5.1., alsmede de afbeelding op blz. 199.
, hennepklopperijenplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigHennepklopperij

Nauernasche VaartDe Blauwe Arend Tak van vroegere molenindustrie, waarbij de stengels van hennepplanten onder stampers werden vervezeld. Na verdere bewerking (zie: Hekelaars en Spinhuizen) kon het product in de Lijnbanen tot touw of door wevers tot zeildoek (zie: Zeildoekweverij) worden verwerkt. De molens werden hennepkloppers en soms ook beukmolens genoemd.
en spinnerijenplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigHennepspinnerij

Zie: Spinnerij en Zeildoekweverij.
, als zoutziederijen en beschuitbakkerijenplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigBeschuitbakkerij

Zie: Beschuit. Op deze plaats wordt uitsluitend de beschuitnijverheid te Wormer en Jisp behandeld, die gedurende de hele 17e eeuw, maar, zij het in mindere mate daarvóór, en daarna van aanzienlijke omvang was. Bij deze samenvatting van door anderen, maar voornamelijk door
profiteerden van de bedrijfstak. De vangsten van Zaanse haringvissers waren zo groot dat de gezouten en gekaakte haringen een belangrijk exportproduct werden, met als afzetgebied de Zuidelijke Nederlanden en Duitsland. Sommige Zaanse schepen kwamen zelfs nooit in de eigen streek, maar visten voor de Vlaamse kust en leverden hun producten langs de Maas af. In 1494 liet Jonker Frans van Brederode om onbekende redenen de Wormer en Jisper haringbuizen in de haven van Rotterdam vernietigen.

Ofschoon het zwaartepunt in Wormer en Jisp lag hebben ook de andere Zaanse dorpen van de haringvisserij geprofiteerd. In 1514 voeren 200 man uit de Banneplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigBanne

Zie: Ban (banne) en Bestuur en rechtspraak 1.2.4.
van Westzanen en Krommenie op buizen mee, en ook Oostzaners hebben op de schepen gewerkt. Deze schepen waren het bezit van stedelijke reders, de Zaanse bemanningsleden voeren in loondienst; de opbrengsten kwamen dus niet ten goede aan de streek. Na de Spaanse tijd werden Amsterdam en Enkhuizen de centra van de haringvisserij en waren steeds minder bemanningsleden nodig. Maar nog in 1650 voeren Assendelvers en mogelijk ook andere Zaankanters op de buizen.

Begin 20e eeuw, tot aan de Eerste Wereldoorlog was er hier en daar opnieuw enige betrokkenheid bij de haringvisserij op de Noordzee. Enkele burgerverenigingen, te vergelijken met de huidige 'beleggingsclubs', verwierven één of meer stoomscheepjes in eigendom. Daarmee herleefde voor korte tijd de vroegere Partenrederijplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigPartenrederij

Vorm van 17e-, 18e- en 19e-eeuwse bedrijfsvoering, waarbij het ondernemingskapitaal door tenminste twee personen was gestort. De eigenaars richtten daartoe een rederij op. De aandelen in het kapitaal werden 'parten' genoemd, de uit te keren winst werd naar rato van het aantal parten verdeeld. Bij een vergelijking met huidige ondernemingsvormen heeft de partenrederij nog het meeste weg van de besloten vennootschap.
. Naar verluidt maakten deze op speculatie beluste verenigingen aantrekkelijke winsten. Bewijs hiervan kan echter niet worden verkregen, doordat er, mogelijk om fiscale redenen, geen archiefstukken zijn bewaard.

Zie ook:

  • Arbeidsplaatsen en bedrijfsgrootteplugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigArbeidsplaatsen en bedrijfsgrootte

    Onder een arbeidsplaats wordt verstaan: een betaalde functie waarin meer dan 15 uur per week wordt gewerkt. De bedrijfsgrootte wordt (althans hier) bepaald door het aantal arbeidsplaatsen dat een bedrijf biedt. De werkgelegenheid wordt gevormd door het totaal aantal arbeidsplaatsen. Door optelling van het aantal arbeidsplaatsen binnen economische sectoren is inzicht te krijgen in de Werkgelegenheid die de verschillende bedrijfstakken door de eeuwen heen boden …
  • Economische geschiedenis 1.1.3.plugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigEconomische ontwikkeling vóór 1580

    1 1 Economische structuur vóór 1500

    1 1 1 Bodemgesteldheid, ontginning landbouw

    De economische geschiedenis van de Zaanstreek is begonnen toen de eerste bewoners zich in de streek vestigden Maar niemand weet precies wanneer dat is gebeurd. Wie deze geschiedenis wil beschrijven moet daarom voor zichzelf ergens een, betrekkelijk willekeurig, vertrekpunt kiezen In deze bijdrage is gekozen voor het jaar 1488 In de hierna volgende bladzijden worden de hoofdlijnen…
    ,
  • Economische geschiedenis 1.2.2.plugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigEconomische ontwikkeling vóór 1580

    1 1 Economische structuur vóór 1500

    1 1 1 Bodemgesteldheid, ontginning landbouw

    De economische geschiedenis van de Zaanstreek is begonnen toen de eerste bewoners zich in de streek vestigden Maar niemand weet precies wanneer dat is gebeurd. Wie deze geschiedenis wil beschrijven moet daarom voor zichzelf ergens een, betrekkelijk willekeurig, vertrekpunt kiezen In deze bijdrage is gekozen voor het jaar 1488 In de hierna volgende bladzijden worden de hoofdlijnen…
  • Economische geschiedenis 2.3.1.plugin-autotooltip__default plugin-autotooltip_bigEconomische ontwikkeling van de Zaanstreek in de periode 1580-1800

    2.1 Economische expansie l

    Ondanks de stedelijke tegenwerking geraakte de economische ontwikkeling van de Zaanstreek na 1580 in een stroomversnelling. De periode 1580-1650 was een tijdperk van explosieve en veelzijdige uitbreiding van economische bedrijvigheid. Het was een tijd waarin het lot van de Zaanse economie onverbrekelijk verbonden werd met het lot van de Amsterdamse stapelmarkt. De Zaanstreek werd meegezogen in de voor…
  • /home/zaanwiki/domains/zaanwiki.nl/private_html/encyclopedie/data/pages/haringvisserij.txt
  • Laatst gewijzigd: 2020/09/07 12:08
  • (Externe bewerking)