Typhoon, Dagblad voor de Zaanstreek

Dagblad, oorspronkelijk illegaal verzetsblad, aanvankelijk uitgegeven door De Typhoon bv te Zaandam, later door uitgeversmaatschappij Midden Noord-Holland, Damiate Holding Haarlem. Het eerste exemplaar van De Typhoon verscheen op 12 oktober 1944 en werd uitgebracht door de Rooms Katholieke Centrale, RKC, zie ook: Tweede Wereldoorlog. De makers kwamen allen uit de illegaliteit. Het idee van een Zaanse illegale krant kwam van Jan Vos, verzetsnaam: P. Groen, die eerder in Brabant bij een illegaal blad betrokken was geweest. Doel was een regelmatige berichtgeving te verzorgen en de lezers tot verzet te stimuleren.

De eerste krant van de RKC verscheen op 10 oktober 1944, droeg de naam 'De Moffenzeef', bestond uit een op beide kanten getypt kwarto velletje en zat vol type-fouten. Hierdoor kreeg het blad veel kritiek uit de illegaliteit te verduren, met name van verzetskapelaan Gerrit Groot. Tijdens de discussie over het blad en over de naam daarvan, die te grof werd gevonden, vloog een Engels vliegtuig van het type Typhoon over. 'Laten we de krant de Typhoon noemen', riep iemand door het vliegtuiglawaai heen. Zo verscheen op 12 oktober de eerste Typhoon, op hetzelfde formaat als De Moffenzeef en weer met type-foutjes.

Door een groeiende samenwerking van verschillende verzetsgroepen veranderde het karakter van het blad vrij snel. Vanaf 22 oktober 1944 kwam het als een op de zondag verschijnend weekblad uit. Het werd per keer in een paar honderd exemplaren gestencild in de filmcabine van het r.k. verenigingsgebouw aan de Oostzijde te Zaandam. Dankzij de hulp van de boekhandel Brinkman aan de Westzijde te Zaandam lukte het om aan voldoende papier, stencils en inkt te komen. Wim Brinkman overleefde, als gevolg van zijn illegale werk, de oorlog niet. Ook de gebroeders Settels, die bij Van Gelder in Amsterdam werkten, hielpen de illegalen aan papier. Dat was niet altijd van de beste kwaliteit; de krant is zelfs op behang gedrukt.

Kapelaan Groot bleef ontevreden over het niveau van het blad. Op zijn aandringen werden de statenloze broers Erwin en Walter Baumgarten in de redactie opgenomen. Dankzij deze twee kreeg de krant haar eerste belangrijke en zelfs landelijke primeur: dat Zweden brood naar Nederland zou sturen. Door de groei van het aantal berichten en commentaren werd het moeilijker om De Typhoon te stencillen. Drukker Jan Vos, niet te verwarren met eerder genoemde verzetsman Jan Vos, wiens drukkerij aan de Oostzijde tegenover het r.k. verenigingshuis lag, was bereid om mee te werken. Op 3 december 1944 verscheen De Typhoon voor het eerst als gedrukte krant, met zelfs uit Zweedse kranten overgenomen foto's van het geallieerde kamp. Voorts kwam de redactie aan nieuws door naar de Engelse radio te luisteren.

Drukkerij Vos werd niet veilig genoeg geacht om de volledige krant te produceren. In de katholieke bibliotheek op de Zuiddijk werd een geheime kamer gemaakt, waarin een zetterij werd ingericht. Deze bevatte letterkasten en zetbokken, die op de kop waren getikt bij Tetterode te Amsterdam. De gezette tekst werd naar Vos gebracht. De Duitsers deden inmiddels overal invallen, ook in de pastorie, het r.k. verenigingsgebouw, de drukkerij van Vos en de katholieke bibliotheek. Veel materiaal werd in beslag genomen, maar het door de mensen van De Typhoon gevreesde onderzoek bleef uit. Met behulp van paard en wagen haalde de illegaliteit uit de Amsterdamse Jordaan een geheel gedemonteerde vlakpers. In de boekbinderij van Gerrit Fiddelaar aan de Oostzijde werd een tweede drukkerij ingericht. Als er stroom kon worden afgetapt van naburige bedrijven, waren de drukkerijen goed bruikbaar. Bij stroomuitval moesten de persen met mankracht worden aangedreven: met behulp van touwen werd de pers heen en weer getrokken: 30.000 maal voor de eerste en 30.000 maal voor de tweede pagina.

Editie No.64, de kop van Typhoon's bevrijdings-editie op 6 mei 1945

Op zondag 6 mei 1945 verscheen de bevrijdingskrant die voor een deel werd gedrukt op oranje papier. Direct na de oorlog werd gesproken over het voortbestaan van de krant. In het najaar van 1944 was al aan Hendrik Pieter Stuurman van drukkerij Stuurman op de hoek Westzijde/Herengracht, gevraagd of hij na het einde van de oorlog De Typhoon als dagblad wilde uitgeven. Om problemen te voorkomen werd een beheersraad gevormd, waarin onder anderen kapelaan Groot en de Baumgartens zitting hadden. Kwesties over eigendomsrecht en 'kleur' van de krant zouden eventueel worden voorgelegd aan de bisschop van Haarlem. De beheersraad viel op 25 mei uiteen, waarna op 30 mei de Stichting De Typhoon i.o. werd gevormd.

Kort na de bevrijding rolde de eerste editie van De Typhoon bij Stuurman van de pers. Het verspreidingsgebied van de krant werd de Zaanstreek, Walter Baumgarten was directeur, zijn broer Erwin hoofdredacteur. De rechten op het uitgeven van de krant en op de naam waren erkend door de Militaire Commissaris, het Militair Commissariaat in Noord Holland en de burgemeester van Zaandam. Tussen de oorspronkelijke RKC-mensen, die een katholieke krant wilden maken en de Stichting De Typhoon, waarin de voorkeur voor een neutrale krant overheerste, ontstonden spoedig wrijvingen, die uiteindelijk tot een verwijdering leidden.

In 1946 vertrok Erwin Baumgarten; in 1948 volgde zijn broer Walter hem. Na hun vertrek werd De Typhoon journalistiek en zakelijk geleid door mensen die niet bij de illegale Typhoon in de oorlog betrokken waren geweest. Hoofdredacteur werd Cees Meijer. In 1951 werd de Stichting De Typhoon opgeheven en ontstond de nv Uitgeverij De Typhoon. H.P. en A. Stuurman werden directeuren van het blad. In 1958 vestigde De Typhoon zich in een nieuw pand op de hoek van de Westzijde en de Zeemansstraat. Kort daarna werd ook Drukkerij Stuurman in een nieuw pand aan de Zeemansstraat gehuisvest. De krant maakte vanaf het midden van de jaren '50 een gestage en in de jaren '60 een explosieve groei door.

In 1968 werd een betaalde oplage van 28.000 exemplaren bereikt. Verslaggevers van De Typhoon als Jan Hottentot en Wim Swart werden bekende verschijningen in de streek. In januari 1968 begonnen onderhandelingen over een samengaan van De Typhoon met Damiate Pers te Haarlem, uitgever van onder andere het Haarlems Dagblad. De fusie startte in 1969, maar eerst in 1973 had de verhuizing van het technische apparaat naar Haarlem plaats. Streekredactie, advertentie-aquisitie, abonnementenafdeling en administratie bleven in het pand aan de Westzijde aanwezig. Aanvankelijk werd De Typhoon eenmaal per week (donderdag) huis aan huis in de Zaanstreek verspreid. Hieraan kwam een einde toen in 1976 werd begonnen met de uitgave van het huis-aan-huisblad Week in Week uit. Voorts geeft de Uitgeversmaatschappij het weekblad De Krommenieër uit, waarvan Drukkerij Stuurman in 1967 de uitgaverechten verwierf.

Hoofdredacteur Cees Meijer ging in 1979 met pensioen en werd opgevolgd door Jan de Vries. Onder diens leiding werden inhoud en vormgeving van de krant aangepast. Ook legde De Vries de basis voor de kabelkrant, die op 15 april 1985 met uitzendingen startte en sindsdien veel bekeken werd. Na De Vries, die tot directeur van De Typhoon en later tot directeur van Damiate Holding werd benoemd, werd in 1985 Lars Meiners hoofdredacteur, die op zijn beurt werd opgevolgd door Herman Landsdaal, met P. Wolfsbergen als adjunct-hoofdredacteur. Vanaf 1 januari 1988 ontstonden door een fusie nauwere samenwerkingsverbanden tussen de redactie van de Nieuwe Noordhollandse Courant en die van De Typhoon. Beide dagbladen worden sedertdien uitgegeven door Damiate-dochter Uitgeversmaatschappij Midden Noordholland bv. Nadien werden de eindredactie en de vormgeving van de regionale pagina's naar Haarlem verplaatst. De Typhoon had in 1990 een betaalde oplage van 21.543 stuks.

In 1992 hield De Typhoon op te bestaan door de fusie van Damiate met de Verenigde Noordhollandse Dagbladen. De Typhoon ging samen met De Zaanlander op in Dagblad Zaanstreek.

Onder de titel 'Geen nieuws meer over Het Juffie uit Jisp' schetste dagblad Trouw een beeld met behulp van de Typhoon-redactie vóór de fusie in 1992 met De Zaanlander.