beeldende

Meest algemeen gebruikte benaming voor die takken van kunstbeoefening waarmee een bepaald gegeven in vlak of ruimte wordt uitgedrukt. Hiertoe behoren de beeldhouwkunst en de schilderkunst met alle daarmee verwante kunsten, zoals tekenkunst, grafische kunst, fotografische kunst, emailleerkunst, mozaiek en verscheidene mengvormen en toegepaste kunsten. Volgens sommige kunstgeleerden valt ook de Architectuur onder de beeldende kunsten; deze wordt hier niet als zodanig beschouwd. Kunst is een begrip dat langs verschillende wegen kan worden benaderd en op evenzoveel manieren valt te definiëren.

Een meest algemene definitie luidt: kunst is een vereniging van in structurele samenhang verbonden esthetische elementen, technische kwaliteiten en symbolische expressie tot een eenheid die een in zichzelf besloten bestaan voert. In deze zelfstandige vorm is kunst echter een pas sedert het eind der 18e eeuw bestaand begrip. Voordien waren kunstwerken uitsluitend producten van technisch kunnen en ambachtelijke bekwaamheid. Pas toen de 'schoonheid' tot zelfstandige waarde was verheven. kwam er een splitsing tussen kunst als luxe enerzijds en het (gebruiks)voorwerp met alleen praktische waarde anderzijds. Door voortgaande ontwikkelingen is kunst nu meer dan ooit persoon- en tijdgebonden en onderhevig aan theoretische beschouwing. Dit geldt zowel voor de makers als voor de beschouwers. Eenstemmigheid over de 'bedoeling' of over `mooi en lelijk' ontbreekt.

In het hierna volgende 'Overzicht' (van de hand van Jan de Carpentier) zijn namen van (Zaanse) kunstenaars zoveel als mogelijk vermeden. Er zijn in de loop der tijd vele min of meer verdienstelijke beeldende kunstenaars in de Zaanstreek werkzaam geweest, enkelen van hen kregen landelijk of zelfs internationaal bekendheid. In het alfabetisch systeem van deze encyclopedie zijn ongeveer 210 korte of waar nodig meer uitgebreide naamsvermeldingen opgenomen, verwijzend naar dit algemene artikel, of naar de aan het eind van dit artikel opgesomde terreinen van beeldende kunst (de amateuristische beoefenaars van beeldende kunst zijn, met een enkele uitzondering. buiten beschouwing gelaten).

Zouden deze vermeldingen achter elkaar zijn geplaatst, dan zou vooral opvallen dat een groot deel van de hier geboren of gewerkt hebbende kunstenaars zich na korte of langere tijd naar elders hebben begeven om zich verder te ontplooien. Een aanzienlijk kleiner aantal is steeds in de streek gebleven. De ook door De Carpentier getrokken conclusie is gerechtvaardigd dat velen in de Zaanstreek blijkbaar niet het “klimaat” en waarschijnlijk ook niet de 'markt' vonden om artistiek optimaal te kunnen functioneren. Anderzijds kan er op gewezen worden dat er ook een bescheiden 'tegenstroom` is waar te nemen; enkele van buiten komende beeldende kunstenaars hebben zich in de Zaanstreek gevestigd en zijn er gebleven. Als voorbeeld wordt hier de uit Amsterdam afkomstige Willem Jansen, Chris genoemd.

Het is onjuist om in dit verband ook te denken aan Claude Monet, Oscar-Claude (Claude); zijn verblijf in Zaandam (waarvan overigens ruim twintig thans zeer kostbare schilderijen getuigen) had eerder politieke en/of economische oorzaken dan dat er sprake was van een artistieke keuze. (K. Woudt)

De eerste Zaankanter die bekendheid kreeg als beeldend kunstenaar was Jacob Cornelisz. van Oostsanen, die rond 1470 te Oostzaan werd geboren. Kort na 1500 vestigde hij zich te Amsterdam. De in 1533 gestorven schilder wordt met Lucas van Leyden en Cornelis Engebrechtsz. tot de belangrijkste schilders van zijn tijd gerekend. In zekere zin was hij trendsetter voor de beeldende kunst in de Zaanstreek: op betrekkelijk jonge leeftijd verhuisde hij naar elders. Deze trend heeft lang voortbestaan. Het 'Lexicon van Nederlandse Beeldende Kunstenaars 1750 - 1880' van P. Scheen noemt 32 in de streek geboren kunstenaars, waarvan er niet minder dan 26 buiten de Zaanstreek overleden.

Dit heeft ertoe geleid dat buiten de amateuristische of nog meer de folkloristische beeldende kunst (bijvoorbeeld de gesneden versieringen aan de gevels in de houtbouw) zich nooit een echte Zaanse stijl of school heeft kunnen ontwikkelen. De tweede belangrijke factor die daarbij een rol speelt, is dat de opleidingen meestal buiten de Zaanstreek gezocht moesten worden, al waren hier ook wel enige tekenmeesters werkzaam.

De 16e eeuwse Jan Pietersz. Saenredam werd wel in Zaandam geboren en stierf in Assendelft, maar moest voor zijn opleiding naar Hendrick Goltzius in Haarlem. Zijn veel beroemder zoon en leerling Pieter Jansz. Saenredam (1597-1665) werd dan wel in Assendelft geboren, maar zwierf door heel Nederland en stierf in Haarlem. In de beeldende kunst van de Zaanstreek hebben schilderijen, tekeningen en grafiek zeer lang de toon aangegeven.

Een sterke impuls, die echter niet tot een Zaanse stijl leidde. kreeg de grafiek na de Tweede Wereldoorlog, doordat de in Amsterdam geboren kunstenaar Gerrit de Jong in zijn atelier in Wormerveer veel jonge kunstenaars met de fijne kneepjes van vooral ets en droge naald vertrouwd maakte. Beeldhouwers van formaat heeft de Zaanstreek nauwelijks gekend. Pas in de laatste decennia kreeg dit deel van de beeldende kunst meer aandacht, waarbij de invloeden van buiten de Zaanstreek kwamen. Een uitzonderingspositie nam de Zaandammer Jean B. de Winter in met een aantal beelden op Zaanse thema's. Een andere recente ontwikkeling is de keramische kunst. Al werd er al eerder keramiek in de Zaanstreek gemaakt als kunstnijverheid. bijvoorbeeld in het fabriekje van de broers Lambertus en Meine Huizinga, voor het hanteren van de keramische technieken voor artistieke doeleinden legden de Zaandammers Henk Dil (geb. 1937) en Klaas de Boer (geb. 1944) in de jaren '60 de basis na hun opleiding in Amsterdam.

Opmerkelijk is dat zij vooral in de beginjaren ook veel gebruikskeramiek maakten, waarmee dan een oude trek uit de Zaanse kunst terugkeerde; veel van de kunstenaars uit het verleden die door hun schilderijen bekend gebleven zijn werkten ook als huisschilder. De toegepaste kunst, vooral in de vorm van industriële vormgeving en de vormgeving van drukwerk, is van betrekkelijk recente datum: na de opkomst van de industrie. Een van de grondleggers van deze vormgeving was in Nederland de Zaandijker Piet Zwart.

In zijn spoor volgden later Pieter Groot en Swip Stolk. Opvallend in de kunst uit de Zaanstreek van deze eeuw is de overheersende positie van de figuratieve stromingen, die zelfs in de keramiek een heel belangrijke plaats innemen. Slechts weinigen, zoals de Zaandijker Jaap Stellaart, kozen in het verleden consequent voor een non-figuratieve stijl. Binnen het realisme neemt het topografische werk. dat een verbondenheid met de streek aangeeft, een belangrijke plaats in.

Jan de Carpentier

Deelgebieden

Een aantal deelgebieden van de beeldende kunst wordt in deze encyclopedie apart behandeld. Zie: (Architectuur). Beeldhouwkunst, Film, Fotografie Grafische industrie kunst, Keramiek kunst, Schilderkunst. Toegepaste kunst kunst. Vanuit het trefwoord Kunst wordt naar andere kunststromingen gewezen.

Lijst van beeldend kunstenaars

Zie ook de 132 pagina's tellende Lexicon van Nederlandsche schilders en beeldhouwers, 1870-1940.

  • beeldende.txt
  • Laatst gewijzigd: 2017/05/05 11:28
  • door zaanlander